Na een overlijden blijft soms een kind in het ouderlijk huis wonen, of trekt een erfgenaam in de leegstaande woning. Dat kan praktisch zijn, maar roept vragen op over toegang, kosten en verdeling. Mede-erfgenaam zijn geeft geen onbeperkte bevoegdheid om de woning voor uzelf te reserveren. Tegelijk is bewoning niet zonder meer onrechtmatig en bestaat niet automatisch recht op een vaste maandelijkse vergoeding. Begin met de eigendom, bestaande woonrechten en eerdere afspraken. Vervolgens kunnen betrokkenen het tijdelijke gebruik en een mogelijke uitkoop controleerbaar regelen.
Bronnen (5)
Op deze pagina
1. Controleer wie eigenaar is en op welke grond iemand woont
Bekijk het testament, de verklaring van erfrecht en de eigendomsgegevens. Niet iedere erfgenaam is na overlijden mede-eigenaar van de woning. Bij de wettelijke verdeling verkrijgt de langstlevende de goederen en hebben kinderen in beginsel geldvorderingen. Als de woning al deels van een ander was, omvat de nalatenschap slechts het aandeel van de overledene. Laat dus eerst vaststellen wie over de woning gaat, voordat erfgenamen onderling toegang, verkoop of een vergoeding gaan eisen.
De bewoner kan naast erfgenaam ook huurder, mede-eigenaar of gerechtigde tot vruchtgebruik zijn. Een testamentair woonrecht verdient een afzonderlijke lezing. Ook afspraken die de overledene al maakte, kunnen relevant blijven. Vraag om de overeenkomst en betalingsgegevens in plaats van uitsluitend af te gaan op inschrijving op het adres. Een adresregistratie bewijst op zichzelf geen eigendom of huurrecht. Een bestaande rechtspositie verdwijnt evenmin automatisch doordat andere familieleden liever willen verkopen. Maak een overzicht van de documenten waarop de bewoner zich beroept en vraag ontbrekende bijlagen op. Noteer welke feiten worden erkend en welke uitleg van de afspraken wordt betwist.
2. Onderscheid tijdelijk woonrecht en gewoon medegebruik
Artikel 4:28 BW kent onder voorwaarden zes maanden voortgezet gebruik van woning en inboedel voor de echtgenoot. Een vergelijkbare bescherming kan gelden voor anderen die tot het overlijden met de overledene een gemeenschappelijke huishouding hadden. De woning en het eerdere gebruik moeten aan de wettelijke voorwaarden voldoen. Dit tijdelijke recht is iets anders dan toestemming van mede-erfgenamen voor latere bewoning. Laat ook nagaan of een langstlevende tijdig een verzorgingsvruchtgebruik kan verlangen.
Bij een gemeenschappelijke woning geldt artikel 3:169 BW: iedere deelgenoot mag het goed in beginsel gebruiken, voor zover dat met de rechten van de anderen verenigbaar is en geen afwijkende regeling geldt. Een sleutel hebben betekent daarom niet dat één erfgenaam alle beslissingen alleen mag nemen. Maak duidelijk of anderen eveneens willen gebruiken, toegang nodig hebben voor administratie of verkoop willen voorbereiden. Respecteer daarbij de persoonlijke levenssfeer van de bewoner en leg bezoekmomenten praktisch vast.
3. Maak een tijdelijke gebruiksregeling met een eindpunt
Bespreek wie er woont, welke ruimtes worden gebruikt en voor welke periode de afspraak geldt. Leg vast hoe bezichtigingen, taxaties, onderhoud en toegang tot opgeslagen goederen worden georganiseerd. Benoem wie sleutels houdt en hoe een afspraak wordt gemaakt. Een tijdelijke regeling kan bijvoorbeeld gekoppeld zijn aan een concrete beslisdatum over uitkoop. Schrijf ook op of de afspraak invloed heeft op aanspraken over de eerdere periode of uitsluitend vanaf de ondertekening geldt. Beschrijf ook hoe partijen elkaar bereiken als direct toegang nodig is voor een lekkage of andere storing. Een vaste contactpersoon en bereikbare reservecontactpersoon maken de afspraak uitvoerbaar.
Deelgenoten kunnen afspraken maken over gebruik en beheer; bij gebrek aan overeenstemming kan onder voorwaarden een regeling door de kantonrechter worden gevraagd op grond van artikel 3:168 BW. Het doel daarvan is het gebruik ordenen, niet vanzelf de gehele nalatenschap verdelen. Formuleer het geschil concreet: weigert iemand toegang aan een taxateur, zijn er onduidelijke kosten of ontbreekt een einddatum? Een beperkte regeling kan tijdens de verdere afwikkeling rust geven zonder alle eigendomsvragen meteen op te lossen.
4. Beoordeel een gebruiksvergoeding zonder automatisme
Als een erfgenaam de woning gebruikt met uitsluiting van andere deelgenoten, kan een vergoeding voor gemist gebruik en genot aan de orde zijn. De rechtsverhouding wordt mede door redelijkheid en billijkheid beheerst. Bestaande afspraken, de feitelijke toegang en het gedrag van betrokkenen kunnen verschil maken. Er geldt geen algemeen wettelijk percentage dat bij iedere geërfde woning direct vanaf de overlijdensdag moet worden betaald. Onderbouw zowel de aanspraak als de verlangde ingangsdatum.
De Rechtbank Noord-Holland wees in februari 2026 een gevraagde vergoeding af omdat het gebruik met anderen was afgestemd en ook een andere erfgenaam de woning daadwerkelijk gebruikte. Dat oordeel ging over de concrete feiten. Het betekent niet dat iedere bewoner kosteloos kan blijven zodra ergens een sleutel beschikbaar is. Bewaar berichten over toegang, verzoeken om gebruik en gemaakte afspraken. Leg ook vast of een voorgesteld bedrag voorlopig is en aan wie en op welke rekening het moet worden betaald. Houd een overzicht bij van de perioden waarover partijen spreken. Onderscheid feitelijk verblijf, aangeboden medegebruik en geweigerde toegang; die gebeurtenissen kunnen anders worden uitgelegd en verdienen eigen bewijsstukken.
5. Verdeel lasten en verbouwingen controleerbaar
Houd verbruikskosten, eigenaarslasten, hypotheekbetalingen en onderhoud uit elkaar. Spreek af wie energie en water betaalt en welke gemeenschappelijke uitgaven worden voorgeschoten. Artikel 3:172 BW verbindt de bijdrage aan bevoegdelijk verrichte handelingen en de aandelen, tenzij een andere regeling geldt. Dat vraagt meer dan een stapel facturen achteraf. Een bewoner die alles betaalt, krijgt daardoor niet automatisch een groter eigendomsaandeel. Bewaar een overzicht met datum, doel, toestemming en bewijs van iedere betaling. Stuur periodiek dezelfde kostenstaat aan alle betrokkenen. Zet betwiste posten apart en vraag om een gerichte reactie, zodat onenigheid over één rekening het zicht op de overige betalingen niet belemmert.
Voor gewoon onderhoud, behoud en handelingen die geen uitstel toelaten kan artikel 3:170 BW ruimte bieden om zo nodig zelfstandig te handelen. Een nieuwe keuken of uitbreiding is daarmee niet automatisch toegestaan. Dezelfde Noord-Hollandse uitspraak laat zien dat onbevoegde verbouwingskosten niet zonder meer op de nalatenschap kunnen worden afgewenteld. Meld een spoedreparatie direct en beperk haar tot wat nodig is. Leg voor grotere plannen vooraf bevoegdheid, begroting, financiering en eventuele vergoeding vast.
6. Werk een uitkoop uit met financiering en levering
Wil de bewoner de woning overnemen, bespreek dan waardering en uitvoering samen. De verdelingswaarde volgt niet automatisch uit de WOZ-waarde voor erfbelasting. Leg peildatum, taxateur, hypotheekafrekening en eventuele verrekeningen vast. Een mededeling dat een bank waarschijnlijk wil financieren, is nog geen uitgevoerde uitkoop. Geef aan welke stukken nodig zijn, wanneer duidelijkheid moet bestaan en wat gebeurt als de overname uiteindelijk niet doorgaat. Houd de gebruiksregeling geldig zolang de uitvoering duurt.
Bij een registergoed zijn de notariële verdelingsakte en inschrijving van belang. Een interne afspraak dat één erfgenaam voortaan alle hypotheeklasten draagt, ontslaat andere schuldenaren niet vanzelf tegenover de geldverstrekker. Bespreek daarom uitdrukkelijk eventueel ontslag uit hoofdelijke aansprakelijkheid en de voorwaarden waaronder wordt geleverd. Fictief voorbeeld: een dochter kan haar familie uitkopen, maar de bank beslist later. Een afgesproken financieringstermijn en verkooproute voorkomen dat de anderen zonder duidelijk eindpunt blijven wachten.
7. Kies bij vastlopen een gerichte procedure
Als een definitieve oplossing uitblijft, kan een deelgenoot in beginsel verdeling verlangen. De rechter kan op grond van artikel 3:185 BW de wijze van verdeling gelasten of zelf vaststellen, bijvoorbeeld door toedeling of verkoop. Daarop bestaan wettelijke beperkingen en mogelijkheden tot uitstel onder voorwaarden. Een belang bij blijven wonen geeft dus niet automatisch een permanent veto tegen verdeling. Omgekeerd volgt ontruiming niet enkel uit een brief van een boze mede-erfgenaam.
Laat bij spoed beoordelen welke voorziening nodig is en wie bevoegd is op te treden, zeker als een executeur of vereffenaar betrokken is. Verander niet eigenmachtig sloten en verwijder geen bezittingen om de ander tot verkoop te dwingen. Neem eigendomsstukken, afspraken, berichten over toegang, kostenoverzichten en een concreet voorstel mee naar de adviseur. Een procedure moet aansluiten bij het gevraagde resultaat: tijdelijk gebruik regelen, betaling beoordelen of de gemeenschap definitief beëindigen. Dat voorkomt dat verschillende problemen in één onduidelijke eis verdwijnen.
Veelgestelde vragen
Moet een inwonend kind direct na het overlijden vertrekken?
Niet automatisch. Onderzoek eigendom, een mogelijke huurovereenkomst, testamentaire rechten en eventueel zes maanden voortgezet gebruik op grond van artikel 4:28 BW. Die bescherming geldt alleen als aan de voorwaarden is voldaan.
Kan ik altijd de helft van de marktconforme huur eisen?
Nee. Zowel het bestaan, de omvang als de ingangsdatum van een gebruiksvergoeding vergen beoordeling. Feitelijke uitsluiting, afspraken en redelijkheid en billijkheid spelen een rol; er bestaat geen vaste algemene formule.
Is een uitkoop klaar zodra wij het eens zijn over de woningwaarde?
Nee. Ook betaling, schulden, financiering, eventuele vrijgave door de bank en de notariële uitvoering moeten worden geregeld. Schrijf op wat gebeurt als de financiering of levering niet lukt.
Bronnen
Deze bronnen horen bij deze pagina. Controleer bij een concrete zaak altijd de actuele regels en uw eigen stukken.
- Rechtbank Noord-Holland — ECLI:NL:RBNHO:2026:1723 Geraadpleegd: 2026-10-23
- Tweede Kamer — onderzoek Draagvlak voor de legitieme portie Geraadpleegd: 2026-10-23
- Hoge Raad — ECLI:NL:HR:2023:1722 Geraadpleegd: 2026-10-23
- Belastingdienst — Ik erf een koopwoning Geraadpleegd: 2026-10-23
- Burgerlijk Wetboek Boek 3 — gemeenschap Geraadpleegd: 2026-10-23
Juridische beoordeling
Nog niet juridisch gecontroleerdDeze inhoudsversie is nog niet door een jurist of advocaat beoordeeld. Een broncontrole of tekstbewerking is geen juridische goedkeuring.
Redactie Erfrecht in Nederland
We koppelen uitleg aan bronnen en leggen gerichte wijzigingen vast. Een juridische beoordeling wordt alleen vermeld bij de werkelijk beoordeelde tekstversie, met een echte beoordelaar, datum en reikwijdte. Voor deze artikelen staat die menselijke beoordeling nog open.

Ricardo van der Spoel
Redactioneel verantwoordelijk · Redactionele organisatie en techniek


